Stoomhijskraan, ± 1910, rail-transport.

Omschrijving:
Voor stoomkranen werden kleine snel lopende machines toegepast, die door een of twee stelsels van tandwielen de beweging vertragen en op een kettingtrommel overbrengen, waarop de ketting of staalkabel voor het ophijsen van de last wordt opgewonden. Deze machines kunnen meestal in beide richtingen lopen meestal met behulp van een omkeer mechaniek de coulisse, en die van Stepheneson komt het meest voor. Het zijn in de regel tweelingmachines met de beide krukken onder 90 graden, werkend met een geringe expansie en zonder condensatie.
Bij draaikranen zijn gewoonlijke machine en ketel met betrekking tot de spil aan de tegenover liggende zijde van de kraanbalk aangebracht, om tevens als tegengewicht te dienen. Bijna altijd wordt een verticale ketel gebruikt.
De draaiende beweging wordt meestal door dezelfde stoommachine verkregen door middel van een overbrenging van beweging met kegelraderen of door worm en wormwiel, en ook de beweging voor het opheffen van de kraanbalk; de laatste gebeurde ook vaak met de hand.