m.s. “Dockyard IV” (2), 1928 – 1978, motorboot.

Foto boven: De motorboot “Dockyard IV” (2) uit 1928, hier rond 1955 in de Dokhaven van de RDM.

Scheepswerf: RDM / NW, geen bouwnummer. 
Opdrachtgever: De Rotterdamsche Droogdok Maatschappij N.V., Rotterdam. 
Tonnage: 8,21 brt. 
Hoofdafmetingen: L = 16,20 m, B = 3,60 m, H = 1,40 m. 
Voortstuwing: 1e motor: 60 pk Kromhout. 
2e motor: 1 x 6 cilinder Kromhout, no. 17108, bouwjaar 1968, type 6-TS-117, 105 apk bij 1300 omw/min. 
Verdere gegevens: Brandmerk 7952 b Amst, 1978. Meetbrief r 6710, d.d. 02-06-1928. Meetbrief r 15445, d.d. 25-10-1946. Meetbrief a 24894, d.d. 26-09-1978. 

Historie:
Kiellegging op 31-01-1928, tewaterlating op 08-05-1928 en proefvaart op 25-05-1928. 
Op 02-06-1928 als m.s. “Dockyard IV” opgeleverd aan de RDM. 
De “Dockyard IV” werd met de “Dockyard XIV” in februari 1953 door de RDM ingezet om hulp te bieden aan de slachtoffers van de watersnoodramp in Zeeland, zie het personeelsblad “De Wekker” uit februari 1953. Nacht en dag zijn ze gedurende 4 à 5 dagen in touw geweest om te helpen waar dit nodig was. 
Op 05-12-1978 als m.s. “Zeeduivel” naar A.E. Kauffman, Amsterdam. 
Op 11-11-1982 als m.s. “Zeeduivel” naar S.J. Eier, Amsterdam. 
Op 03-12-1982 als m.s. “Thena” naar P.C. Ruijg, Amsterdam / Almere (Juridisch eigenaar). 
Op 22-05-1984 als m.s. “Thena” naar O.E.A. (Anton) van de Geijn, Amsterdam / Rockanje / Den Bommel / Oude Tonge. In het midden van de 90-er jaren werden de stuurhut en de verdere opbouw aangepast aan de comfort-eisen van deze eigenaar. 
In 2009 werd het schip nog te koop aangeboden op www.shipsales.nl (toen 81 jaren oud!), zie Foto 12 hieronder. Maar haar eigenaar (Anton van de Geijn) voer er in 2010 nog steeds met veel plezier mee. 
Op het Internet werd een tijdje gewag gemaakt van plannen om de “Thena” weer haar oorspronkelijke naam “Dockyard IV” terug te geven. Op 10-07-2011 kreeg ik van Anton van de Geijn een copie toegezonden van de bevestiging van het kadaster dat er na 27 jaar weer een “Dockyard IV” op de Nederlandse wateren vaart, zie Foto 18 hieronder. Alleen is de thuishaven nu Oude Tonge. Voor schepen die niet meer beroepsmatig varen, wordt de woonplaats van de eigenaar als thuishaven geregistreerd. 
Deze “Dockyard IV” (2) is (met de “Dockyard XIII”) het oudste – nog bestaande – door de RDM (af)gebouwde schip, maar heeft geen officiëel bouwnummer. 

Noot 1:
Sommige bronnen koppelen een deel van de voorgaande geschiedenis van de “Dockyard IV” (2) aan die van RDM-bouwnummer 146, de “Dockyard XIII”, hetgeen m.i. niet juist is (zie Foto 10 van een RDM-bouwlijst hieronder). 
De meetbrief van het schip uit 1928 vermeldt de RDM als bouwer van m.s. “Thena” (zie Foto 15 hieronder). Tekeningen voor een reparatie in 1962, gevonden aan boord van m.s. “Thena” door Anton van de Geijn in 1984, vermelden de “Dockyard 4” als haar naam (zie Foto 16 hieronder). Tevens had de “Dockyard XIII” een meer naar voren geplaatste stuurhut dan de “Dockyard IV” (2). 
Deze “Dockyard IV” (2) komt niet in de RDM-bouwlijsten voor, maar is wel bij de RDM (af)gebouwd. Vrijwel zeker is dit schip in 1928 door de RDM / NW om een of andere reden zonder een toegekend bouwnummer (af)gebouwd. Een en ander wordt gestaafd door een schaalmodel van het schip en de jaarboeken van de RDM / NW uit de tijd rond 1928, zie de citaten hieronder van Rob Lampen van “Archief Historisch Heijplaat”. 

Noot 2:
Toch is niets zeker, want ik zit nog met de onderstaande e-mail reactie van iemand die héél véél over alle Dockyards weet: 
… … Mijn opvatting is nog steeds dat “Dockyard IV” gewoon in 1921 in Hamburg gebouwd is volgens opgave Sleep & Duwvaart 2002, dus niet op de RDM, en dat de Dockyards XI, XIII en XIV inderdaad als serie is gebouwd, waarbij de XIV uitgerust was met de pollepels en na de mislukking teruggezet is op de wal en pas na een paar jaar weer verbouwd te water is gelaten. Anderzijds was de XIII enige meters langer dan de XIV, terwijl de XI aan de foto te oordelen, ook weer korter was dan de XIV. De XI kun je nog zien varen achter de I en voor de II met de matrozen, als eerder gemeld dacht ik. … …

Noot 3:
Tenslotte, C. de Bijl vermelde in “Tugspotters” de “Dockyard IV” (2) twee keer: eerst als gebouwd door de RDM in 1928 en daarna als gebouwd door een werf in Hamburg in 1921. Ze hebben iets verschillende hoofdafmetingen, het lijken verschillende schepen te zijn, maar in beiden zit volgens hem dezelfde Kromhout dieselmotor met het nummer 17108. 

Conclusie:
Mogelijk is het casco rond 1921 in Hamburg gebouwd en werd dit casco in 1928 bij de RDM of bij de NW afgebouwd. Deze (toch wel twijfelachtige) conclusie doet aan alle tegenstrijdige bronnen een beetje recht! 

Citaten:
– E-mail Rob Lampen, Archief Historisch Heijplaat, 11-05-2010: 
… … Ik heb onlangs een modelbootje ontvangen en wel de “Dockyard IV” (zie Foto 9 hieronder). De “Dockyard IV” was een tenderbootje waarmee ze naar de boten voeren om te kijken of er nog wat te repareren was. De kapitein was de heer van Gelder. … …
– E-mail Rob Lampen, Archief Historisch Heijplaat, 16-05-2010: 
… … Ik ben verder aan het zoeken gegaan en ik heb de jaarboeken van de RDM / Nieuwe Waterweg er op nageslagen. Deze heb ik allemaal in mijn bezit. Daar worden alleen maar 3 motorbootjes van 50 voet genoemd, die onderhanden waren. Er staat niet bij of het bij de RDM of bij de Nieuwe Waterweg was. Twee motorbootjes zijn in 1928 opgeleverd en één in 1929. De Nieuwe Waterweg wordt in de jaren 1927 en later maar zeer summier beschreven. Daar de schepenlijsten met elkaar verweven zijn is er m.i. inderdaad een fout opgetreden en hebben ze het bouwnummer 146 zo goed als zeker twee maal gebruikt. Ik zou zeggen noem dit bouwnummer voortaan 146a, dan weet je zeker dat je goed zit. … …
Noot: Zie in dit verband ook een deel van een oude handgeschreven bouwlijst van de Tekenkamer Scheepsbouw op Foto 10 hieronder. 
– E-mail, Anton van de Geijn, Oude Tonge, 06-07-2011: 
… … Vandaag is het wijzigingsformulier teboekstelling naar het kadaster gestuurd. Ik begrijp dat sommigen het jammer vinden dat er aardig wat aan het schip is verbouwd. Toen wij het schip in 1984 kochten waren de behoudsorganisatie’s nog niet zo in beeld. Tot half jaren ’90 hebben we er mee gevaren zoals ze de RDM heeft verlaten. We hebben toen reizen gemaakt naar Duitsland, Denemarken, Frankrijk, enz. Toen onze dochter wat groter werd en je maakt zulke lange reizen, werd het stuurhutje wat aan de krappe kant. Ook was het trossenruim niet geschikt als slaapplaats, vandaar de achterroef. Nu is het een goed vakantieschip, geschikt voor lange reizen en ze blijft voor mij nog altijd de “Dockyard IV”. De beting is nog steeds aanwezig en een sleepje komt bijna elke vakantie wel voor. Ligplaats is al een aantal jaren de Galathese haven (oude vluchthaven, vanaf de Volkerak sluizen net voor het Rijn-Schelde kanaal aan stuurboord). … …
– E-mail, Anton van de Geijn, Oude Tonge, 10-07-2011: 
… … Hier de bevestiging van het kadaster dat er na 27 jaar weer een “Dockyard IV” op de Nederlandse wateren vaart (zie Foto 19 hieronder). Alleen de thuishaven is Oude Tonge. Voor schepen die niet meer beroepsmatig varen wordt de woonplaats van de eigenaar als thuishaven geregistreerd. … …

Artikelen:
– Oud-werknemer A. Hagendijk: “De rivierjobs waren m’n lust en m’n leven”, bedrijfsblad “Nieuws van de RDM”, 
  juli/augustus 1977, blz. 4-7: PB-1977-07-08.pdf

Bronnen:
– Stadsarchief Rotterdam. 
– 1902-1952, Een Halve Eeuw “Droogdok”, uitgegeven door de RDM op 23 januari 1952. 
– Anton van de Geijn, Oude Tonge. 
– Rob Lampen, Rotterdam, Archief Historisch Heijplaat: Heijplaat.com
Sleep & Duwvaart, 17e jaargang, no. 111, website: http://www.sleepduwvaart.nl/
–  
– Varend-erfgoed
– Arie Aalbers, Alblasserdam.